Ocans Spotlight: Patrick Mezas

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week Patrick Mezas, kunstenaar en horeca-ondernemer met Curaçaose en Surinaamse wortels.

 

"Ik heb altijd in de horeca gezeten. Ik was twee jaar receptionist bij het Hilton Hotel voor ik naar Nederland kwam. Op Bikkerseiland in Amsterdam begon ik mijn eerste zaak, een koffieshop, die ik na twee jaar verkocht omdat er een horecazaak te koop stond aan de Oudezijdsvoorburgwal. Een prachtige locatie tegenover het Oude Stadhuis. We noemden het de Latin Club. We schilderden het in frisse kleuren, verkochten geweldige cocktails en draaien salsamuziek, die toen nog nergens te horen was in Nederland. Het sloeg meteen aan, omdat we heel anders waren dan de andere zaken. Acht jaar later verkocht ik de zaak en verhuisden we terug naar Curaçao. Ik wilde terug naar mijn geboorte-eiland en mijn kinderen de vrijheid laten voelen om op blote voeten over het strand te lopen. Ik ontdekte op het Keukenplein een verlaten pand. Ik was meteen verliefd op dat plein, waar vier steegjes op uit kwamen. Door een van die steegjes kon je de cruiseschepen langs zien komen. Daar begon ik het Hardrock Café, een gewelde zaak die ik acht jaar had. Elk weekend waren er optredens van rockbandjes. Zelfs Herman Brood heeft er opgetreden. Daarna kreeg ik de kans om de souvenirshop achter het café over te nemen, waar ik discotheek de Jail begon. The only jail you don't want to leave, was de slogan. Ik liet house-dj's uit Nederland komen, onder wie DJ Jean en Miss Monica. Later nam ik in Saliña de Pub over. Dat werd Havana, waar zelfs Tito Puente heeft opgetreden. Uiteindelijk had ik drie zaken met ongeveer veertig man personeel. Ik ben langzaam af gaan bouwen, toen mijn kinderen in Nederland gingen studeren.''

 

Inspiratie

"Terug in Nederland, wilde ik meer aandacht besteden aan mijn kinderen. Ik wilde een jaar sabbatical, maar na drie weken verveelde ik me kapot. Dus ik kocht een bakje klei en begon met boetseren, want steen en hout gaven te veel rommel in huis. Een buurman zag dat en wilde een beeld van zichzelf. Ik heb mijn eigen systeem ontwikkeld hoe je een buste maakt. Toen ik later een boek over beeldhouwen kreeg, bleek dat ik de set basis gereedschap al volledig zelf bij elkaar had gezocht. Het ging eigenlijk vanzelf en het is uit de hand gelopen. Nu staat mijn beeld van Lio Capriles in het hoofdkantoor van de Maduro & Curiels Bank, bij de kerk van Montaña staat een beeld van monseigneur Julio Henriquez. Het beeld van Radulphus bij het Radulphus College is ook van mijn hand. Ik hoop nog steeds een standbeeld van Ciro Kroon te mogen maken. Ik had niet verwacht dat ik ooit weer in de horeca zou belanden, maar toen kreeg ik het aanbod om de ruimte onder mijn atelier over te nemen. Het was een cultureel centrum en is nu Café op 2 in Almere. Als het rustig is, ga ik naar boven om in mijn atelier te werken, mijn echte passie.''

 

Obstakels

"Ik kreeg vaak het advies om dingen juist niet te doen. Mensen vroegen zich af waarom ik in het hartje van Amsterdam salsamuziek wilde draaien, maar het werd een succes. Ik werd voor gek verklaard, toen ik een horecazaak met een terras in Punda wilde beginnen. Punda was een vertalen spookstad na zes uur. Het zou ook onmogelijk zijn om een pand in de binnenstad te verbouwen. Maar ik wilde juist leven brengen in Punda en dat is gelukt. Niemand had ook vertrouwen in mijn plan om house te draaien in de Jail. Waarom zouden mensen op die muziek willen dansen, vroegen ze. Ook dat werd een succes.''

 

Dankbaar

"Mijn grote voorbeeld voor beeldhouwen is de Franse kunstenaar Auguste Rodin. In die stijl wil ik beelden maken. Mijn inspiratiebron is mijn opa. Hij was grafstenenmaker en met het marmer dat hij overhield maakte hij portretten. Ik stond altijd gefascineerd te kijken hoe hij in het marmer stond te hakken. Zelf maakte ik totempalen en geweren van boomstammen met de gereedschappen van mijn vader. Mijn vader maakte soms beelden in zijn vrije tijd, hij maakte ooit Beatrix, maar hij was meer een companyman. Hij heeft zich helemaal opgewerkt bij de Mijnmaatschappij. Ik heb immens respect voor die man.''

 

Advies

"De weg naar succes is voor iedereen anders, maar het is in ieder geval belangrijk om niet te snel op te geven. Je moet een drive en een goed idee hebben. Je moet niet bang zijn om hoog te grijpen, maar ook weer niet te hoog. Kortom: follow your dream, but be prepared to work your ass of.

 

Foto en tekst: Otti Thomas.