kop

Onderzoek handelsbevordering met Latijns-Amerika

Eind mei heeft SEO Economisch Onderzoek (SEO) de resultaten van het onderzoek naar de handel tussen Nederland en Latijns Amerika (LA) en de rol voor Aruba, Bonaire en Curaçao gepubliceerd1 

SEO is een onafhankelijk onderzoeksbureau in Nederland dat economisch onderzoek doet in opdracht van overheden en bedrijfsleven.
De Kamer van Koophandel en Nijverheid Bonaire (KvK) zette de vragenformulieren uit bij de ondernemers op Bonaire en kreeg de formulieren ingevuld terug. Dat deze manier werkte, bleek uit het feit dat het aantal respondenten vergeleken met de rest van de eilanden en Nederland op Bonaire het hoogst was. Hierdoor kon er niet alleen een nauwkeurige weergave van de werkelijkheid op Bonaire worden gegeven. De verzamelde gegevens kunnen ook worden gebruikt bij vervolggesprekken met de overheid over de toekomst van Bonaire.

Handel tussen ABC-eilanden en Latijns Amerika
Van alle respondenten op Bonaire geeft 37% aan dat zij op dit moment handel drijven met LA. Dit percentage is ongeveer gelijk aan die van de andere eilanden. Het verschil is vooral gelegen in de wijze waarop en de rede waarom. Zo drijven Aruba en Bonaire voornamelijk handel met LA vanwege de lokale markt. Op Bonaire geldt dat zelfs voor de helft van de ondervraagden. Vanuit Curaçao wordt vaker in het kader van een (grote) internationale organisatie zaken gedaan met LA.  

“Een grote containerhaven past niet in het beeld van Bonaire, dat duurzaamheid hoog in het vaandel heeft staan”

Handelsbarrières
Daar waar Aruba en Curaçao weinig tot geen barrières ondervinden in hun handel met LA en Nederland, ligt dat voor Bonaire anders. Zo geven Bonairaanse ondernemers aan dat vooral de exportregelgeving van bijvoorbeeld Venezuela een probleem vormt.  Hierdoor mogen er soms voor langere tijd geen producten worden uitgevoerd naar Bonaire. Opvallend was dat Bonaire vooral belemmeringen richting Nederland ervaart. Dat geldt in mindere mate voor de andere twee eilanden. Ook hier blijkt de regelgeving het heetste hangijzer. Zo is er de heffing op invoerrechten ten aanzien van producten uit de Europese Unie (EU) en de belastingwetgeving die Bonaire (nog altijd) behandelt als ‘buitenland’.

Faciliteiten Bonaire
De uitkomsten op het gebied van de faciliteiten op Bonaire leverden een verrassend beeld op. Zo gaven de bedrijven die meededen aan dat de luchthaven van Bonaire weliswaar klein maar efficiënt was. Voorwaarde om meer handel te drijven met LA is wel dat het aantal vluchten omhoog moet en er iets gedaan moet worden aan het gebrek aan koelfaciliteiten op de luchthaven. Maar de wens om een nieuwe, hypermoderne luchthaven komt als zodanig niet voor in de antwoorden. En dat terwijl de overheid van Bonaire hier de afgelopen jaren volop mee bezig is. Wat wel wordt aangegeven, is dat om de handel te doen toenemen het aantal directe verbindingen met bijvoorbeeld LA moet worden verhoogd. Teveel tussenstops zorgen er volgens de respondenten voor dat de producten te duur worden en dus niet meer interessant zijn. De grootste wens van de private sector op Bonaire betreft de verbetering van de havenfaciliteiten. Deze worden als slecht tot zeer slecht ervaren. In totaal geeft meer dan de helft (53%) van de ondervraagden dit als antwoord. De ondernemers noemen de capaciteitsproblemen en het feit dat de cruiseschepen voorrang krijgen. Dit leidt volgens hen tot onregelmatige aanvoer van producten. Daarnaast wordt het gebrek aan concurrentie tussen rederijen die Bonaire aandoen als hindernis ervaren. Omdat hoge prijzen en een slechte dienstverlening hiervan het gevolg zijn. Het is een duidelijk signaal waar de KvK zich in haar gesprekken met de overheid op zal gaan concentreren.
Niet de luchthaven maar de haven zou dus de eerste prioriteit moeten zijn. Als Bonaire de mogelijkheid zou krijgen zelf containers te lossen zouden de snelheid, de kosten en de efficiëntie toenemen. Bovendien zou de nu ervaren afhankelijkheid van Curaçao sterk afnemen, wat ook weer zou leiden tot lagere kosten. Een tegenargument als de aantasting van het milieu bij het verplaatsen van de haven dan wel de creatie van een grotere haven die kan concurreren met Curaçao, zijn in de ogen van de KvK niet reëel. 

Een kraan die alleen de containers lost die voor Bonaire bedoeld zijn, kan bijvoorbeeld mobiel worden ingezet op een drijvend ponton. Zo kun je in tijden van hoogseizoen overal laden en lossen zonder dat dit ten koste gaat van de natuur. Een grote containerhaven past niet in het beeld van Bonaire dat duurzaamheid hoog in het vaandel heeft staan. Er zou dan zoveel moeten worden geïnvesteerd dat het maar de vraag is of dat ooit kan worden terugverdient zonder die hoge kosten te moeten doorberekenen aan de consument. Bovendien zou dan ook de gehele infrastructuur aangepast moeten worden, wat op zijn beurt zeker kan leiden tot een grote aantasting van de natuur. Klein beginnen met één mobiele kraan lijkt daarom vooralsnog een beter plan. Niet alleen vanwege de enorme verbetering die dat zou brengen maar ook vanwege de mogelijkheid schepen hier te lossen in plaats van op Curaçao. Bovendien sluit de aanschaf van een dergelijke kraan verdere ontwikkeling niet uit, mocht men alsnog groter kunnen en willen worden. Wat verder opvalt in het onderzoek is de enorme tevredenheid over de douane van Bonaire. Die is sinds 2010 enorm vooruit gegaan. Dit in tegenstelling tot onze buureilanden die een stuk minder blij zijn met deze overheidsinstelling. Als negatief ervaren de ondernemers tenslotte de staat van de infrastructuur, het trage internet op Bonaire en de rol van de banken en dan met name hun slechte en tevens dure dienstverlening. Deze essentiële faciliteiten worden door maar liefst 62% van de respondenten als problematisch tot slecht ervaren.
De hoogste tijd dus om hier kritisch naar te kijken.

Bonaire en de toekomst?
De hamvraag is of de toekomst van een gezonde economie op Bonaire in de handel met LA ligt. Feit is dat, mocht dat zo zijn, er dan wel nogal wat randvoorwaarden zullen moeten verbeteren. Een duidelijke visie en strategie vanuit de overheid die daarbij de private sector actief om assistentie vraagt, zal beslist helpen. Niet alleen praten over samenwerken en het daarna allemaal zelf proberen te doen, maar daadwerkelijk gezamenlijk de visie bedenken, de plannen maken en die vervolgens samen uitvoeren. Dat betekent niet alleen de eigen kracht optimaal inzetten, maar ook goed kijken naar wat voor Bonaire voordelig is.  Bonaire hoeft niet klakkeloos achter de andere eilanden aan te lopen in de hoop dat er wat overblijft.
Als onderdeel van Nederland kan het eiland zelf op zoek naar de mogelijkheden, zelf bepalen waar Bonaire voordeel bij heeft en waar het de concurrentie een stap voor kan zijn.
De mogelijkheden zijn er en kunnen worden gebruikt. Het is nu alleen zaak om dit ook te gaan doen.

Het onderzoek van SEO gaf tenslotte aan dat er goed gekeken moet worden naar de handel tussen de  drie eilanden.  
Zo verdient het aanbeveling om verdragen te sluiten waarin de invoerrechten en het vrij vervoer van personen en goederen worden geregeld. Op die manier kan men de eigen positie ten opzichte van de andere (ei)landen in de Caribische regio optimaal benutten.

1Zie voor het volledig rapport: http://www.seo.nl/pagina/article/onderzoek-handelsbevordering-koninkrijk/

 

Publicatienummer: 2015-11
Auteurs: J. van der Voort & K. van Buiren
Opdrachtgever: ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Uitgever: SEO Economisch Onderzoek
ISBN: 978-90-6733-772-4

SEO Economisch Onderzoek (SEO) heeft in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onderzoek gedaan naar ervaringen en behoeften van het bedrijfsleven bij hun handel met Latijns-Amerika. Daartoe zijn webenquêtes uitgevoerd onder Nederlandse en lokaal gevestigde bedrijven in de periode november 2014 tot februari 2015. Tevens is een overzicht opgesteld van de bestaande faciliteiten gericht op handelsbevordering, op basis van een informatie-uitvraag bij de betreffende ministeries binnen het Koninkrijk. 
Dit onderzoek beoogt vanuit het perspectief van ervaringen en behoeften van bedrijven in Nederland en op de eilanden, een bijdrage te leveren aan de discussie over vervolgstappen en te nemen beleidsmaatregelen die zijn gericht op de verdere ontwikkeling van de handel van het (Caribische deel van het) Koninkrijk met Latijns-Amerika